Spring naar inhoud

Beleggingen

Beleggingen

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt een feitelijke uiteenzetting gegeven van de marktontwikkelingen die van invloed zijn geweest op de beleggingen. Verder zal per deelcategorie en voor de portefeuille als geheel worden ingegaan op de resultaten van het gevoerde beleggingsbeleid. Vervolgens worden een aantal thema’s en trends benoemd die van invloed kunnen zijn op de toekomstige beleggingen. Ten slotte wordt ingegaan op het maatschappelijk verantwoord beleggingsbeleid.

4.1 Marktontwikkelingen

Terugblik macro-economische ontwikkelingen
Het jaar 2023 werd voor een belangrijk deel gekenmerkt door oorlogen. De oorlog in Oekraïne ging het tweede jaar in en een einde is nog niet in zicht. In oktober werd de wereld daarnaast opgeschrikt door de verschrikkelijke gebeurtenissen in het Midden-Oosten. In de VS en Europa waren op economisch gebied de zorgen van een geheel andere orde. Hier stonden de ontwikkelingen lange tijd vooral in het teken van een hoge inflatie veroorzaakt door hogere grondstoffenprijzen en knelpunten aan de aanbodzijde, beide veroorzaakt door de eerder ontstane pandemie.

Centrale banken zagen zich genoodzaakt de rente fors te verhogen. De beleidsrente van de ECB bereikte uiteindelijk een niveau van 4%. Hiermee bleven de lange termijn inflatieverwachtingen onder controle, maar de renteverhogingen vertaalden zich in een verdere stijging van de kapitaalmarktrente en in een toenemende vrees voor een recessie. Zorgen over de economische gevolgen van faillissementen in Amerikaanse bankensector brachten de kapitaalmarktrente in maart eerst echter nog onder het startniveau van het jaar. Pas daarna zette de rentestijging verder door. Door adequaat ingrijpen van de Amerikaanse beleidsmakers bleven de economische gevolgen beperkt.

De Amerikaanse economie werd vooral ondersteund door de consumptie. Dit werd mogelijk gemaakt door eerder opgebouwde besparingen en omdat het reëel besteedbaar inkomen toenam door hogere lonen en een dalende inflatie. In Europa kon een milde recessie aan het begin van het jaar niet worden voorkomen en daarna bleef de economische groei ook zeer gematigd. Europa is meer gevoelig voor groeiafzwakking in China. Mede door dalende energieprijzen nam in Europa de inflatie verder af.

Financiële markten
De economische ontwikkelingen zorgden voor sterk uiteenlopende rendementen op de beleggingen. In 2023 heeft de MSCI World een positieve performance van circa 19% laten zien. Dit is met name te danken aan aandelen ontwikkelde markten, die duidelijk positief waren. Dit rendement ontstond in de eerste helft van het jaar door gunstige winstcijfers vooral door de grote IT-bedrijven. Groeiaandelen deden het hierdoor een stuk beter dan waarde-aandelen. Aandelenkoersen werden ook ondersteund door de verwachting voor renteverlagingen. 

In de tweede helft van het jaar leken aandelen per saldo meer zijwaarts te bewegen. Beleggers gingen er vanuit dat de beleidsrente van centrale banken voorlopig hoog zou worden gehouden. Tot in november de aandelen plotseling een sterke stijging lieten zien vanwege dalende inflatiecijfers. Dit zorgde bij beleggers voor verwachtingen voor renteverlagingen, waarmee de aandelenkoersen aan het eind van het jaar nog substantieel opliepen. Aandelen in opkomende landen stelden in 2023 wederom teleur. Vooral de bezorgdheid over de vastgoedsector in China en de verdere groeivertraging lagen hieraan ten grondslag. Het rendement op vastrentende waarden en Europese vastgoedportefeuilles was ook negatief door de hogere rentes in 2023.

De 20-jaars Euro Swap kende een volatiel jaar met een sterke daling in de laatste twee maanden. Ten opzichte van het begin van het jaar staat de 20-jaars Euro Swap aan het einde van het jaar 0,4%-punt lager.

4.2 Resultaten beleggingsportefeuille

Rendement 2023 ten opzichte van de benchmark
De portefeuille behaalde over 2023 een rendement van 8,8%. De licht gedaalde rente zorgde voor een positief rendement op de matchingportefeuille. De portefeuille bleef 1,7% achter op de benchmark. Dit kwam voornamelijk door de negatief behaalde rendementen van niet beursgenoteerd vastgoed. Ook de categorieën hypotheken en private equity behaalden een lager rendement dan de benchmark.

In onderstaande tabel wordt de performance van de portefeuille op hoofdcategorieën weergegeven.

Beleggingscategorie Portefeuille Benchmark
Matchingportefeuille 5,4% 6,2%
Hoogrentende obligaties 10,6% 9,6%
Aandelen 20,7% 22,3%
Niet-beursgenoteerd vastgoed -9,0% -1,8%
Private equity 1,0% 5,2%
Totaal 8,8% 10,5%

4.3 Matchingportefeuille

De matchingportefeuille richt zich op de afdekking van het renterisico en het zekerstellen van het nominale pensioen. De gehanteerde norm voor renteafdekking op basis van marktrente is in 2023 verhoogd op basis van de ontwikkelingen van de rente en de rentestaffel naar 80%. In 2023 heeft het bestuur besloten om de rente afdekking tot aan het moment van invaren te laten staan op 80% en niet meer de staffel te hanteren. Deze staffel blijft wel het langetermijnbeleggingsbeleid voor het fonds. 

De renteafdekking vindt hoofdzakelijk plaats met renteswaps en Euro-staatsobligaties met hoge kredietwaardigheid. Daarnaast belegt het pensioenfonds in bedrijfsobligaties met een solide kredietwaardigheid en in Nederlandse woninghypotheken. De keuze voor renteafdekking zorgt ervoor dat het pensioenfonds gedeeltelijk beschermd is tegen rentedaling maar minder profiteert van een rentestijging. 

In 2023 is de rente op de kapitaalmarkten op langere looptijden gedaald van 2,51% (30-jaars swaprente) naar 2,34%, een daling van 0,17% in een jaar. Dit levert op de renteafdekking een positief resultaat op, maar op balansniveau een verslechtering van de financiële positie (dekkingsgraad) van het pensioenfonds. 

De beleggingen in de matchingportefeuille behaalden een positief rendement door de rentedaling. De gehele matchingportefeuille rendeerde 5,4% (0,8% lager dan het benchmarkrendement). Hypotheken hebben met een rendement van 2,7% een underperformance ten opzichte van de benchmark (6,1%) behaald. Green bonds en bedrijfsobligaties hebben met een rendement van, respectievelijk, 8,9% en 9,7% beide een outperformance laten zien ten opzichte van de benchmark (8,4% en 8,2%)

4.4 Aandelen

De aandelenportefeuille bestaat ultimo 2023 voor 83,5% uit aandelen ontwikkelde markten en voor 16,5% uit aandelen opkomende markten. De aandelenportefeuille van ontwikkelde markten rendeerde in 2023 met 25,0% sterk positief. Het rendement van aandelen opkomende markten was met 3,8% duidelijk een stuk lager. De totale aandelenportefeuille behaalde over 2023 een rendement van 20,7%, en bleef hiermee 1,6% achter op de benchmark vooral door achterblijvende rendementen in de illiquide asset classes.

4.5 Hoogrentende obligaties

De hoogrentende obligaties zijn voor circa 65% belegd in obligaties van opkomende landen, het andere deel is belegd in bedrijfsobligaties in ontwikkelde landen. De categorie hoogrentende obligaties behaalde in totaal een rendement van 10,6%, en bleef hiermee 1,0% voor op de benchmark. Met name de beleggingen in obligaties uitgegeven door opkomende landen behaalden een beter resultaat dan de benchmark, door onder andere een goede selectie van de landen waarin werd belegd. 

4.6 Vastgoedbeleggingen

Het bestuur heeft een strategisch vastgoedplan uitgewerkt dat uitgaat van een allocatie naar Nederlandse woningen (36%), Europees vastgoed (multisector, 27%) en Amerikaans vastgoed (multisector, 37%). De portefeuille rendeerde in 2023 -9,0% versus -1,8% voor de benchmark. Vanwege het illiquide karakter van de categorie wijkt de feitelijke invulling af van de gehanteerde strategische benchmark, waardoor de jaarlijkse rendementsverschillen aanzienlijk kunnen zijn.  

4.7 Overige beleggingen

4.7.1 Private equity

De private equity-portefeuille bestaat voornamelijk uit directe investeringen in private equity-fondsen. Voor de verdere invulling van het private equity-programma wordt jaarlijks een investeringsschema opgesteld dat rekening houdt met de gewenste exposure naar de beleggingsklasse en de te verwachten uitkeringen in de loop der tijd. De portefeuille wordt beheerd door een extern team van specialisten en behaalde over 2023 een rendement van 1,0% versus 5,2% voor de benchmark. De benchmark is de 5-jaars swaprente met een opslag van 2%-punt en weerspiegelt het lange termijn vereiste rendement van private equity. Op jaarbasis kunnen echter grote rendementsverschillen ontstaan, onder andere door het verschil in liquiditeit tussen private equity en de rentemarkt. 

4.7.2 Z-score 2023 en performancetoets

De z-score wordt ieder jaar berekend. Deze score laat het verschil zien tussen het werkelijke rendement van de portefeuille en het rendement van de benchmark. Een positief getal betekent dat de beleggingen van het pensioenfonds het beter deden dan de markt. Een negatief getal betekent dat de beleggingen van het pensioenfonds  slechter presteerden dan de markt. Bij de berekening wordt rekening gehouden met de kosten. Daarnaast wordt een performancetoets gedaan. Deze toets berekent de z-scores over een periode van vijf jaar. In het Vrijstellingsbesluit Wet Bpf 2000 staat dat vrijstelling van de verplichte deelname aan een bedrijfstakpensioenfonds mogelijk is als de performancetoets lager is dan 0%.

De z-score voor 2023 is -0,86%. Het gemiddelde over de afgelopen vijf jaar is 0,93%. De performancetoets is 2,21% (inclusief de bijtelling van 1,28%) waarmee het pensioenfonds boven de toegestane norm zit, wat wil zeggen dat op basis van de performancetoets er geen vrijstelling van de verplichte deelname aan het pensioenfonds mogelijk is.

4.8 Vooruitzichten

Aandelen
Licht constructief door veerkrachtige data over economische activiteit, afnemende inflatie en de verwachte verruimingscyclus. Sentiment onder investeerders is positief, daarmee is veel goed nieuws ook al ingeprijsd.

Rentes
Yields zijn recent gedaald door onder andere lager dan verwachte inflatie en minder verkrappend beleid van de Fed. Daarmee neutraal op de korte termijn. Op de middellange termijn blijven rentes aantrekkelijk, gegeven het bereikte einde aan de renteverhogingen en hoge niveaus van reële rentes. Europese rentes zijn op de middellange termijn ook aantrekkelijk door zwakke groei en afnemende inflatie.

US credit
Veerkrachtige US groei, desinflatie en verwachte renteverlagingen ondersteunen US credit.

Herfinancieringsrisico, rentevolatiliteit, verkrapping van leenvoorwaarden, en risico’s op toch een hogere groeiafzwakking worden nog niet ingeprijsd in HY spread levels. 

European credit
Voorzichtigheid is benodigd bij Europees High Yield, gegeven een lagere winstgevendheid, hogere financieringskosten en zwakkere economische groei relatief tot de US.

4.9 Beleid duurzaam beleggen

Het pensioenfonds maakt onderdeel uit van de maatschappij en heeft haar eigen verantwoordelijkheden. Dit betekent dat thema’s als milieu, sociale aspecten en goed bestuur (ESG) een belangrijke plek innemen in het beleggingsbeleid. Wij verwachten van duurzame beleggingen op lange termijn een betere rendement/risico verhouding dan van niet-duurzame beleggingen. Wij geloven dat beleggingen alleen goed kunnen renderen als samenlevingen zich goed kunnen ontwikkelen. Daarom willen wij op het gebied van ESG een meer dan wettelijke vereiste inzet leveren.

We doen dit door:

In de beleggingsportefeuille rekening te houden met duurzaamheidsrisico’s en kansen
We eisen van onze vermogensbeheerders om bij het beheer rekening te houden met duurzaamheidskenmerken, zoals de uitstoot van broeikasgassen. Waar mogelijk leggen we dit vast in de beheeropdracht. De uitstoot van broeikasgassen van de portefeuille was ultimo 2022 lager dan die van de benchmark. 

Bedrijven waarin we investeren aan te zetten tot maatschappelijk verantwoord handelen
Dit doen we door (samen met andere beleggers) bedrijven aan te spreken op specifieke thema’s, zoals betrokkenheid bij ernstige en structurele schendingen van internationale principes. Dit zijn bijvoorbeeld de VN Principes voor het Bedrijfsleven en Mensenrechten en de OESO-richtlijnen voor internationale ondernemingen. Ook gebruiken we onze invloed als aandeelhouder door het uitoefenen van ons stemrecht op voor ons belangrijke thema’s. 

Het in toenemende mate investeren en stimuleren van activiteiten die een positieve bijdrage leveren aan een meer duurzame wereld
Met het oog hierop beleggen we in toenemende mate bijvoorbeeld in groene obligaties van landen en ondernemingen. Daarmee dragen we bij aan de financiering van de energietransitie.  

Maatschappelijk ongewenste activiteiten niet te financieren
Dit doen we door bedrijven uit te sluiten die in hun bedrijfsvoering of producten en diensten niet aan de minimale eisen voor een duurzaam beleid voldoen. We hebben hiervoor criteria gedefinieerd. Dit uitsluitingsbeleid wordt onverkort toegepast op alle beleggingsmandaten. Bij fondsbeleggingen maakt een beoordeling van het uitsluitingenbeleid van de fondsbeheerder deel uit van het selectie- en evaluatietraject. 

Sustainable Development Goals
Het bestuur heeft op basis van de Sustainable Development Goals (SDGs) van de Verenigde Naties en de uitkomsten van een deelnemersonderzoek in 2019 besloten de focus te leggen op doel 3 (goede gezondheid en welzijn), doel 7 (betaalbare schone energie) en doel 12 (verantwoordelijke consumptie en productie). Deze focus komt met name tot uitdrukking in de keuze voor deelname aan dialoogprogramma’s die directe raakvlakken hebben met deze SDGs. 

Klimaat
Het fonds heeft in 2020 het Commitment van de financiële sector aan het Klimaatakkoord ondertekend (het Nederlands klimaatakkoord). Hier zijn o.a. de volgende elementen in opgenomen:

  • Deelname aan de financiering van de energietransitie;
  • Meten van het CO2-gehalte van beleggingen. Vanaf het boekjaar 2020 ook publieke rapportage hierover;
  • Actieplannen inclusief CO2-reductiedoelstellingen voor 2030 voor de beleggingen.

IMVB-convenant
Het fonds heeft in 2018 het IMVB convenant ondertekend en bepalingen daarvan overgenomen in beleid. Hierdoor committeert het fonds zich aan de principes van de OESO-richtlijnen voor Multinationale Ondernemingen en de UN Guiding Principles on Business and Human Rights (UNGPs) en leeft deze na.

VBDO-ranglijst
Jaarlijks onderzoekt de Vereniging van Beleggers voor Duurzame Ontwikkeling het duurzaamheidsbeleid van de grootste pensioenfondsen in Nederland. In 2023 eindigde het pensioenfonds als 18e op de lijst van 50 fondsen. De totaalscore was 2 hoger dan die van het jaar daarvoor (20). Een hoge score op deze ranglijst is voor het pensioenfonds geen doel op zich, maar geeft inzicht hoe ons duurzaamheidsbeleid en de implementatie daarvan zich verhoudt tot andere fondsen.

SFDR
In 2018 heeft de Europese Commissie het EU-Actieplan voor Duurzame Financiering gepubliceerd. Hiermee wil de Europese Commissie de ‘vergroening’ van de economie stimuleren, onder andere door nieuwe wet- en regelgeving. Eén van de deelplannen gaat over Sustainable Finance Disclosure Regulation (SFDR). Deze regels gelden voor financiële instellingen en producten. Ook pensioenfondsen en pensioenregelingen worden gezien als  financiële instellingen en producten.

Op grond van Artikel 4 SFDR moeten financiële instellingen rapporteren over hoe wordt omgegaan met de belangrijkste ongunstige effecten van de beleggingsbeslissingen op mens, milieu en samenleving. Dit doen we via de ‘Verklaring ongunstige effecten’ (PAI) op de website en een jaarlijks overzicht  . Ook classificeert het fonds de pensioenregeling in termen van SFDR als een artikel 8 product, waarmee wordt aangegeven dat het fonds duurzame kenmerken promoot. Het fonds voldoet aan de wettelijke transparantie-eisen door het publiceren van duurzaamheidsinformatie en pre-contractuele documenten op de website en de periodieke rapportage in het jaarverslag. 

Jaarverslag Verantwoord Beleggen
In een apart Jaarverslag Verantwoord Beleggen gaan we dieper in op ons beleid en de uitvoering hiervan in 2023.

Versie:
v6.2.32

Met iWink Report maak je professionele online publicaties. Publicaties die je online, in print en als PDF-download kunt aanbieden.

En daarmee voldoe je direct aan de WCAG-wetgeving rond digitale toegankelijkheid.

Eenvoudig, veilig en efficiënt.

Meer over iWink Report